Braam

 

Botanische naam             : Rubus fructicosus

Familie                           : Rosacae (Rozenfamilie)

Naamgeving:

De naam Rubus komt van het Griekse woord ‘raptoo’(steken) en fructicosus komt van het Latijnse woord ‘frutex’(struik). Braam betekent dus letterlijk ‘stekende struik’.

Algemene beschrijving :

De Braam is een tot 2 meter hoge struik met stekels aan stengels en blad. De bladeren zijn donkergroen en grof getand. De stengels groeien enorm uit en daar waar ze de grond raken vormen ze nieuwe wortels die zich stevig in de grond verankeren. De Braam is een alles overwoekerende struik en onuitroeibaar. Braam stelt weinig eisen aan de grond en groeit overal waar andere planten het af laten weten, door bijvoorbeeld overbemesting en milieuvervuiling.

Inhoudstoffen :

Ø  looistoffen  (tannines)    

Ø  bitterstoffen

Ø  slijmstoffen

Ø  citroen- en appelzuur

Ø  suikers vooral in de vruchten

Ø  vitamine C, vitamine A en inositol

Ø  mineralen: Fe, Ca, P

Ø  flavonglycosiden

Signatuur :

In zijn uiterlijk vertoont de braam een tegenstelling die in zijn werking terug te vinden is; zowel stimulerend als kalmerend. De bloemen zijn vijftallig en wit of zachtroze van kleur. Zowel de kleur als het getal 5 staan voor zachtheid en harmonie. Dit staat lijnrecht tegenover het harde en stekelige van de Braam. Dit geeft aan dat Braam reguleert, doet wat nodig is: enerzijds activeren en prikkelen, anderzijds kalmeren en verzachten. De vruchten zijn blauwzwart, maar het vruchtensap is vuurrood. Dit verwijst naar zijn werking op het menselijk bloed. Vooral vanwege zijn onuitroeibaarheid verhoogt deze plant de weerstand tegen alle mogelijke infecties en ziekten die samenhangen met milieuvervuiling. Aan een Braamstruik ziet men tegelijkertijd knoppen, bloemen, onrijpe en rijpe vruchten. Dit laat zien dat Braam een breed werkingsveld heeft en behoort tot de zogenaamde constitutiekruiden. Braam hoort bij een mens die zich aanpast aan de omstandigheden.

Werkingsveld :

1.   Constitutie : aanvullend en reinigend; Braam stimuleert de levenskracht en werkt harmoniserend; bij allerlei kwalen t.g.v. een lage weerstand en vervuild organisme.

2.   Spijsvertering :  stimulerend en reinigend; Braam stimuleert de pancreas.

3.   Bloed: bloedreinigend, verrijend en bloedstelpend.

4.   Vrouwelijke organen : reguleert de menstruatie, stimuleert bij niet doorzettende weeën en werkt bloedstelpende na de bevalling.

5.   Urinewegen :  stimulerend en samentrekkend; Braam helpt nierstenen te vergruizen en af te voeren.

Indicaties :

ü  Diarree : zomerdiarree, kinderdiarree, reizigersdiarree

ü  Dysenterie

ü  Gastritis (maagwandontsteking)

ü  Hemorrhoïden (aambeien)

ü  Leucorrhee (witverlies)

ü  Metrorraghieën (overmatige baarmoederlijk bloedieng)

ü  Hematurie (bloed in de urine)

ü  Hemoptysis (bloedbraken)

ü  Bij milde inflamaties van het tandvlees, de mond- en keelholte

ü  Bij angina / faryngitis

ü  Wonden

ü  Reumatische klachten

ü  Jicht

ü  Gebrekkige aanmaak van urine

ü  Preventie van nierstenen

ü  Huiduitslag (door vervuiling)

ü  Stimuleert de pancreas bij suikerziekte

ü  Stimuleert bij niet doorzettende weeën

ü  Versterk de baarmoeder voor en na de bevalling

ü  Reguleert de menstruatie

ü  Zuiverende lentekuren

Contra – indicaties :

v  Er zijn geen toxische nevenwerkingen bij therapeutische doses

Gebruikte delen :

Folia (blad) en Fructus (vrucht)

 

Toepassingen :

Het blad (geoogst tussen mei en augustus) wordt gebruikt in thee en tinctuur. Ze hebben een samentrekkende werking op huid en slijmvliezen. Als ontbijtthee kan braamblad langere tijd gebruikt worden.

 

Bij diarree, maagstoornissen, dysenterie, witte vloed, keelpijn, aften, gezwollen tandvlees en ontsteking van de amandelen;

Thee: 2 flinke eetlepels blad in ¼ l kokend water, 15 min. laten trekken en dan afzeven. Citroen en/of honing toevoegen, als gorgeldrank zonder deze toevoegingen.

 

Angina:

Kook 50 gram gedroogde bladeren 10 minuten in 1 liter water. Laat het afkoelen, filtreer het en zoet het met wat honing. Gebruik de drank om mee te gorgelen. Niet doorslikken. Per dag mag de drank opgemaakt worden.

 

Heesheid:

Kook 100 gram bladeren 15 minuten in 1 liter water. Filtreer het daarna en zoet het mat wat honing. # keer per dag gorgelen, niet doorslikken.

 

Huidzweer:

Kook 30 gram bladeren 10 minuten in 1 liter water. Regelmatig de wond hiermee wassen.

 

Tandvleesontsteking:

Kook 30 gram bladeren 3 minuten in 1 liter water. 10 minuten laten trekken. Regelmatig de mond ermee spoelen. Niet doorslikken.

 

Diarree:

Kook 30 gram bladeren van de braam, 20 gram bladeren en bloemen van de witte dovenetel en 20 gram bloemen van de echte heemst 5 minuten in 1 liter water. 10 minuten laten trekken. Drink 2 tot 3 x per dag een kopje van het vocht. Ook kun je op de blaadjes kauwen.

 

Bloedende wonden:

Gekneusde  blaadjes op de wond aanbrengen.

 

Bessen plukken voor 29 september (want daarna, zei men vroeger, neemt de duivel er bezit van)! Blad verzamelen in Mei – Augustus.

Bramenbladthee wordt gebruikt als onschadelijke familiethee in plaats van gewone thee. Hiertoe moeten de bladeren na het plukken enige dagen op een hoop liggen, waardoor ze groenbruin van kleur en aromatischer worden.

Typologie :

Net als de braam die uitreikt naar de kosmos en zich verbindt met de aarde is er de mens die tot taak heeft een verbinding te maken tussen kosmische en aardse krachten; de doende mens die zich aanpast aan de omstandigheden. Specifiek hoort braam bij een type mens die moeilijk te benaderen is, doordat hij zijn ‘stekels’ opzet; iemand die snel op zijn teentjes getrapt is. Hij past ook bij een, door een vervuilde stofwisseling, traag geworden mens die moet worden gereinigd en aangevuurd.

 

Braam is een zeer veilig en breed toepasbaar kruid, ook geschikt voor kinderen en ouderen.

 

Geslacht :  vrouwelijk

Planeet : Venus

Element : water

Goden : Brigit

Krachten : heling, geld, bescherming

 

Bronnen :

*      Lexicon der geneeskruiden - Mellie Uyldert

*      Geneeskrachtige Kruiden - Mannfried Pahlow

*      Groot handboek geneeskrachtige kruiden – Geert Verhelst

*      Kruiden/signatuur en eigenschappen – Yvonne Maessen